KNSB: SISSA3 – GC7

Verslag door Baran

Voor de tweede keer in mijn prille KNSB-carrière mag ik mij begeven naar het DSC voor een thuiswedstrijd tegen Groninger Combinatie 7.

Het belooft een mooie dag te worden. Op de planning: eerst een middagje schaken en daarna door naar FC Groningen om vanaf de tribune de longen uit mijn lijf te schreeuwen. Bovendien is het vandaag een bijzondere dag, omdat het de laatste wedstrijd van dit kalenderjaar is en beide teamcaptains (Justin en Aurore) afwezig zijn. Anne-Dirk neemt om die reden de taak als teamcaptain over. Onze opstelling van vandaag luidt als volgt: 1. Anne-Dirk, 2. Remco, 3. Writser, 4. Niels, 5. Klaas-Jan, 6. Freerk, 7. Lieuwe en op bord 8 speel ik.

Voorafgaand aan de wedstrijd geven Anne-Dirk en Remco aan dat ze zich beiden hebben voorbereid op dezelfde tegenstander. En de gelukkige is… AD. Remco moet het dus met de witte stukken op bord 2 opnemen tegen een andere tegenstander. Van de opening kan ik niet echt chocola maken. Het ziet eruit alsof de Jobava-London en de Nimzo-Indian een kindje hebben gekregen, maar dat zegt waarschijnlijk meer over mij dan over de stelling. Ergens in het middenspel kijk ik vanaf bord 8 richting bord 2 en zie ik dat zes van de acht pionnen van zijn tegenstander op de zesde rij staan. Ik vraag me af of hij wel weet dat je pionnen ook twee velden vooruit mag zetten. Wie dat in ieder geval wél weet, is Remco. Hij speelt namelijk g4. Ikzelf word er enigszins nerveus van, maar Remco kennende zal het vast de beste zet zijn. Na een lange rokade, het doordrukken met h4 en met zijn torens op g1 (semi-open lijn) en h1 staat Remco er goed voor. Dat merkt zijn tegenstander ook, want een paar zetten later wordt het hem te heet onder de voeten en blundert hij een toren. 1-0.

Links van mij zit Lieuwe op bord 7. Hij neemt het met de zwarte stukken op tegen een jonge knaap die zijn leeftijd vermoedelijk nog op twee handen kan tellen. Lieuwe demonstreert dat zijn wandelstok niet alleen fungeert als hulpmiddel bij het lopen, maar ook gebruikt kan worden om jonge jongens van het bord te vegen. Wellicht is dat ietwat overdreven, want zijn tegenstander speelt best aardig. Lieuwe laat echter zien geduldig te zijn in de opening en het middenspel. Als een roofdier dat wacht tot hij zijn prooi kan aanvallen, verbetert hij langzaam maar zeker de positie van zijn stukken. Uiteindelijk is de koning van zijn tegenstander ontbloot doordat de f-pionnen van het bord zijn en Lieuwe de h-pion weet te winnen. Met zijn dame in de buurt van de open koning en een toren op de open f-lijn besluit zijn tegenstander de handdoek in de ring te gooien. 2-0.

Op bord 6 speelt Freerk met de witte stukken. Kijkend naar de partij krijg ik de indruk dat zijn tegenstander er niet al te veel zin in heeft: iedere kans om stukken te ruilen grijpt hij met beide handen aan. Toch speelt Freerk sterk en nauwkeurig, staan zijn stukken goed en heeft hij een ruimtevoordeel. Een kleine onnauwkeurigheid in het middenspel stelt zijn tegenstander in staat om zijn inactieve en slecht gepositioneerde stukken af te ruilen, waarna Freerk in een gelijk eindspel belandt met evenveel pionnen en beide dames nog op het bord. Niet veel later ziet zijn tegenstander een manier om geforceerd de dames van het bord te krijgen en schudden ze elkaar de hand. Remise. 2½-½.

Mijn partij verloopt nogal stroef. Ik speel op bord 8 met wit en beland in de Franse revolutie. Aan het einde van de opening sta ik er goed voor en heb ik een comfortabele stelling: mijn stukken zijn actiever en ik heb wat ruimtevoordeel. Ik kan de a-pion van mijn tegenstander winnen, maar ik denk dat mijn paard daarna niet gemakkelijk van dat veld weg zal kunnen komen. Dat blijkt niet te kloppen en door het paard terug te spelen voel ik mijn voordeel uit mijn handen glippen. In het middenspel speel ik onnauwkeurig en geef ik mijn voordeel volledig weg. Ondanks dat ik met een ongemakkelijk gevoel het eindspel inga en ik mijn loper opgeef voor twee vrijpionnen, blijken mijn eigen vrijpionnen uiteindelijk te sterk. 3½-½.

Vlak nadat ik klaar ben, zie ik de tegenstander van Niels nogal onthutst door de zaal lopen. Wat is er gebeurd? Kennelijk heeft Niels zijn tegenstander enkele zetten voor de tijdcontrole op zet 40 door de vlag gespeeld. Een gedetailleerder verslag van zijn partij is helaas niet mogelijk, omdat de verslaglegger de partij niet heeft ontvangen. 4½-½. Met nog drie partijen te gaan is de teamwinst al binnen!

Een van die resterende partijen is die van Writser. Hij speelt op bord 3 met zwart. Zijn tegenstander kiest voor de Rossolimo. In de opening gebeurt er niets bijzonders. Aanvankelijk verloopt het middenspel moeizaam voor Writser; zijn tegenstander speelt sterk en vindt een fraaie paardzet. Vervolgens besluit zijn tegenstander om op zijn lauweren te rusten. Door die overmoed geeft hij Writser namelijk een paard als vervroegd kerstcadeau. Onverstandig… vooral tegen Writser. Writser blijft solide spelen, ruilt veel stukken af en gaat met een loper en een pion meer het eindspel in. Zijn tegenstander capituleert uiteindelijk. 5½-½.

Anne-Dirk treft op bord 1 met de zwarte stukken de tegenstander op wie hij zich had voorbereid. Zoals gebruikelijk laat AD zijn tegenstander de hoeken van het schaakbord zien. Nietsvermoedend huppelt zijn tegenstander namelijk de prep in. In de opening besluit hij een pion te offeren in ruil voor een iets snellere ontwikkeling van zijn stukken. Ik betwijfel of dat in deze stelling voldoende compensatie is. AD betwijfelt dat ook en accepteert het offer. Even later besluit zijn tegenstander een loper te ruilen voor twee pionnen. AD verspeelt geen tijd en ontwikkelt zowel zijn loper als zijn toren met tempo. Na het afruilen van wat stukken in het middenspel ontstaat er een eindspel waarin AD twee paarden en vier pionnen heeft tegen één paard en vijf pionnen van zijn tegenstander. AD oogt comfortabel in het eindspel. Hij heeft zelfs nog tijd om kort oogcontact met mij te maken om me te feliciteren met mijn overwinning. Niet veel later mag ik hetzelfde bij hem doen. 6½-½.

Klaas-Jan is the last man standing. Wat ik me nog van zijn partij kan herinneren, is dat hij in een eindspel terechtkomt met twee torens tegen een toren en het loperpaar. Bovendien heeft zijn tegenstander zijn toren achter een opgerukte vrijpion gepositioneerd. Uiteindelijk lukt het KJ niet om stand te houden. Ook van deze partij ontbreekt helaas een gedetailleerder verslag, omdat ik de partij niet heb ontvangen en dus niet heb kunnen terugkijken. Eindstand: 6½-1½.

Al met al een mooie afsluiter van het kalenderjaar. Onze goede voornemens voor 2026? Promoveren! Dat is zeker niet onmogelijk, maar ook niet makkelijk. Vier teams staan namelijk op zes matchpunten, waaronder SISSA 3, SISSA 4 en onze volgende tegenstander GC 6. Dat belooft een pittig potje te worden!

Comments

Eén reactie op “KNSB: SISSA3 – GC7”